Geen enkel kind hoort het mee te
maken: het overlijden van een ouder.
Toch gebeurt het.
Kinderen zijn loyaal aan hun
ouders, dat weten we allemaal. Je mag nooit iets nadeligs zeggen over hun
ouders, of zij nu nog leven of niet. Dan wordt deze ouder hartstochtelijk
verdedigd door een kind.
Voetstuk
Dit is nog veel erger als de ouder
is overleden. Een overleden ouder wordt op een voetstuk gezet en kan niks verkeerd meer doen, dus hij of zij wordt
bijna heilig, in de ogen van de kinderen. Omgekeerd zie je ook vaak dat ouders
een overleden kind heilig verklaren, en alles goedpraten wat dat kind ooit fout
deed. Zó menselijk…(maar soms met ruzies met overige kinderen tot gevolg).
Dubbele
last
Pubers met een overleden ouder
hebben het dubbel moeilijk en zijn daarom ook extra moeilijk, en als ze dat
niet zijn, mag je misschien nog wel ongeruster zijn, want dan is er het risico
dat het hun ontwikkeling in de weg staat.
Veranderingen
Pubers zijn er bv extreem gevoelig
voor dat iets wat hun moeder of vader gemaakt heeft, of een bepaalde gewoonte
die er was, wordt gewijzigd. Dat heeft papa gemaakt of zó deed mama dat altijd en daarom
mag dat niet zo maar veranderen.
Lange
tenen
Mensen die niet precies weten wat
de geschiedenis van zo’n gezin is, kunnen heel gemakkelijk op lange tenen
terecht komen en daarmee nooit meer iets goed kunnen doen bij het kind in
kwestie. Ouders, daar moet je nu eenmaal afblijven, zeker als ze overleden
zijn. Daarom is het goed om al je gevoeligheid aan te wenden als je werkt met
kinderen van een overleden ouder.